ZAAK FRANCK DEFOSSE tegen DIRK LAUREYSSENS
Kamer 10B Rechtbank Eerste Aanleg Antwerpen.
ROL Nr. 36-06/6088/A (a32)
Zitting 15 November 2006.
Eerste Conclusies Dirk LAUREYSSENS, gedaagde
(Op deze conclusies heeft Meester Jan Helsen nooit geantwoord, en hij poogde de zaak naar de rol te zenden. De Voorzitter heeft uiteindelijk de zaak naar de bijzondere rol gestuurd voor uitgebreide debatten. Deze zullen waarschijnlijk in de loop van Maart 2007 plaatsvinden. )
Momenteel is er in hoger beroep een hangende rechtzaak van INTERPAT NV (Mr. Guido van de Moortele) tegen verzoeker G. Defossé (Zie stuk 1) waarbij de rechtbank de uitspraak heeft uitgesteld tot 27 november 2006. Dit is een belangrijke zaak omdat zij een inzicht geeft in de wijze waarop verzoeker Defossé omspringt met investeerders.
- De grond van de zaak
- De samenwerking tussen verzoekers en gedaagde heeft ongeveer twee jaar geduurd. Daarbij werd bij aanvang tussen verzoekers en gedaagde een overeenkomst gesloten, ondermeer ivm de wijze van samenwerking en verdeling van de opbrengsten. Het bestaan van deze overeenkomst (Stuk 2 verzoekers) wordt niet betwist door de verzoekers. De overeenkomst werd door gedaagde geregistreerd.
- Bij start van de samenwerking werd door verzoeker op intensieve wijze tal van acties ondernomen, zoals het opstellen van businessplans, ontwerpen en opstellen van "White Papers" en naamkaartjes, market search, interne samenkomsten (ivm strategieen, problemen met initiele investeerders, toepassingen), gehouden, email contacten gelegd, bedrijfsbezoeken aflegt, demonstraties georganiseerd (Nokia, BMG-Bertelsman, Siemens, Mitsui, Nvion, Metha 1, Metha 2, KPN, Belgacom, fransman, Philips, etc. ), een website gemaakt, Logo ontworpen, animated gifs gemaakt. Daarnaast werden Non-disclosure Agreements opgesteld en voorbereid, werd patent search op databases gedaan, Beursbezoeken (Hannover, Rotterdam, IBC, Louvain-la-Neuve, ), etc. Er werden potentiele investeerders (Amit Mehta, Satya, Berkien, Yahoo contact, etc. ) en venture capitalisten (bv. Mees Pierson, Billion, Quaestor, Pythagoras, Tom Perkins, Roel Pieper, etc.) aangesproken of ontmoet. Een aantal contacten werden door verzoeker Jan Franck gelegd en er werden demonstraties georganiseerd voor; bv. Kodak, Agfa, Belgacom.
- Het essentieel probleem was echter steeds dat Defossé geen werkelijke inzage wou geven in de compressie technologie, zelfs niet toen besloten werd enkele patenten aan te vragen. Laureyssens "mocht" enkele patenten schrijven op conditie dat die op één dag zouden afgewerkt te zijn, en nog wel binnen in een gelimiteerde tijdsspanne van 5 uur, namelijk tussen 10h en 15h. Dan gingen verzoekers Defossé en Franck zulk nieuw patent deponeren in Brussel bij de Dienst Intellectuele Eigendom. Bovendien diende zulk patent op een computer van verzoeker Defossé geschreven te worden. Qua inhoud werd door verzoeker Defossé slechts een deel van de "nieuwigheid" verteld, de rest bleef "geheim".
- Defossé was ook niet bereid zijn technologie te laten onderzoeken en bevestigen door onafhankelijke onderzoeksinstituten, zoals de MPEG4-groep van IMEC, want: "Zij gaan het pikken". De essentiele voorwaarde voor investeerders, due dilligence, kon dus niet vervuld worden.
- Na enkele maanden na aanvang van de samenwerking werd gedurende één maand aan gedaagde Laureyssens de mogelijkheid gegeven om de volledige compressie technologie aan te kopen voor 15 miljoen dollar, doch die tijdsperiode was te krap, echte due dilligence werd geweigerd, en die overeenkomst verviel uiteindelijk. Uit de inhoud van deze overeenkomst zal blijken dat zij volledig korrekt was opgesteld, zonder juridische hangijzers.
- Via Mr. Ad van den Elshout werden ook een aantal contacten aangebracht. Diverse potentieel zeer sterke partners (Nokia, KPN, Bertelsmann, É) werden warm gemaakt voor de technologie van Defossé. Toen het op werkelijke afronding van zaken kwam, en due dilligence moest gebeuren via onafhankelijke expertise weigerde uitvinder Defossé steeds weer opnieuw. Dit is typisch, want ook dat maakt Mr. Van de Moortele nadien mee in Interpat NV.
- Voorbeelden van mislukte deals: Nokia nodigde ons uit naar Finland voor meeting met Nokia Top: Defossé weigerde (wegens vliegangst), Bertelsmann nodigde ons uit naar Goterloh voor een finale meeting met de raad van bestuur van BMG: Defossé weigerde wegens te lange autorit (600km).
- De echte redenen voor het afspringen van de mogelijke samenwerking met AGFA en KODAK zijn veel meer complex dan verzoekers doen uitschijnen. Verzoekers wenste bv. dat gedaagde "misrepresentation" zou doen naar Kodak ivm patenten, dwz. Laureyssens moest aan KODAK verklaren dat er reeds patenten waren ingediend hetgeen niet het geval was. Laureyssens weigerde dat te verklaren, hetgeen een intern conflict gaf.
- Via gedaagde werd twee private investeerders (Koen Laureyssens en Amit Mehta) gevonden die ieder intekenden voor 10,000 Euro voor 1% (één) procent in een nieuw op te richten vennootschap. Wegens het wisselvallige karakter van verzoeker Defossé werd in samenspraak met Franck een onherroepelijke overeenkomst (14 juni 2002) opgesteld ivm het wereldwijd commercializeren van vier specifieke compressie applicaties, namelijk voor mobiele telefoons, PDA's, komputers en geheugenkaartjes. Deze overeenkomst is nog steeds geldig, en verzoeker Defossé weigert nog sedert zijn medewerking te verlenen om deze uit te voeren. (Zie later de aanpassing: DE DENNENHOF OVEREENKOMST).
- Via Mr. Ad van den Elshout werd een nieuwe investeerder, Bartes van Ooijen, aangebracht die interesse zou hebben voor andere toepassingen. Na een eerste ontmoeting in Rotterdam, samen met de heren Franck en van den Elshout, werd verzoeker Defossé aan Bartes van Ooijen voorgesteld. Samen met gedaagde Laureyssens en met voornoemde Ad van den Elshout dus vijf partners - werd nog een zgn. Coolbox project opgezet maar verzoeker Defossé weigerde de contractueel toegezegde technische uitvoering te leveren. Bartes van Ooijen maakte vervolgens snel een aparte overeenkomst met verzoekers Defossé en Franck ivm de compressie technologie en ivm de zgn. Blue Energy. Gedaagde Laureyssens en Ad van den Elshout werden uitgesloten tegen alle afspraken in.
- De oorspronkelijke website van DGS was vrij uitgebreid, en gemaakt door Laureyssens. Deze website werd door een onafhankelijke website (archives.org) gearchiveerd en is nog steeds consulteerbaar. Gedaagde Laureyssens heeft met die archivering niets te maken. Nadien werd gedaagde door verzoekers Defossé en Franck na hun Aruba overeenkomst met Bartes Van Ooijen - verplicht de website te sluiten.
- De samenwerking van verzoekers met Bartes van Ooijen verliep echter niet naar wens.
- Verzoekers Defossé en Franck makten ruzie met investeerder Bartes van Ooijen, en werd een nieuwe investeerder gevonden in de persoon van Mr. Guido van de Moortele. Deze werkte samen met Mr. Gustaaf Korstanje, die een fiskaal adviesbureau heeft. Er werd een bedrijf, INTERPAT NV, beschikbaar gesteld om de uitvindingen van verzoeker Defossé in onder te brengen. Een grote som geld werd aan verzoeker Defossé gegeven.
- Na de komst/vertrek van Bartes van Ooijen, en de komst van Mr. Van de Moortele bleven er nog contacten tussen de gedaagde Laureyssens en verzoekers, waarbij verzoeker Franck steeds toezegde de vroegere afspraken te zullen honoreren.
- Daarnaast werden door gedaagde Laureyssens meerdere pogingen ondernomen om met diverse partijen tot een vergelijk te komen, bv. het conflict tussen Mr. Van de Moortele en verzoeker Jan Franck.
- De samenwerking tussen verzoeker Defossé en de heer Van de Moortele verliep echter ook niet goed. Mr. Van de Moortele had inmiddels via verzoeker Franck contact genomen met Mr. Emiel De Leyn, een soort commissionair op verkopen. Er werd een commissie-overeenkomst gemaakt. Zeer snel wist Mr. Emiel De Leyn het vertrouwen te winnen van verzoeker Defossé, en op zeer korte termijn werd Mr. Van de Moortele buitengewerkt. Mr. De Leyn had diverse off-shore structuren en richtte samen met verzoeker Defossé een Luxemburgse vennootschap op. Mr. De Leyn rijdt met een Luxemburgse plaat, maar woont in Knokke-Heist.
- Verzoekers respecteren onder geen beding de overeenkomst van 14 juni 2002. Gedaagde verzoekt de rechtbank de betreffende overeenkomst te bevestigen. Zie stuk 26.
- Via Mr. Ad van den Elshout werd twee nieuwe investeerders, de heren Leen Moojaert en Leo Mierop, aangebracht die interesse zou hebben voor de videocompressie. Moojaert en Mierop waren vroeger betrokken bij de compressie technologie van JAN SLOOT, een technologie die eind 1998 op meer dan 100 Miljoen Euro werd geschat. Sloot overleed echter juist vooraleer zijn "geheim" mede te delen. Beide heren waren direct geinteresserd en zegden 3 miljoen Euro toe. Er werden afspraken gemaakt met vroegere investeerder van Sloot, bv. met Boekhoorn. Een uitgebreidde TV reportage kan nog steeds gedownload worden van de Nederlandse televisie. Daaruit blijkt de enorme bedragen welke een echte compressie technologie waard is. Intensive onderhandelingen hadden plaats en er werd een overeenkomst getekend tussen alle partijen behalve Defossé - op basis van de overeenkomst dd. 14 juni 2002 (zie punt i. ) welke nu nog steeds gelding is, alleen waren de bedragen nog verhoogd.
De zeer faire oplossing het voorstel DENNENHOF (3 miljoen Euro), medeondertekend door verzoeker Franck werd echter door Defossé verworpen, en Defossé opteerde voor een samenwerking met voornoemde DE LEYN. Zie stukken 27 en 29. Dit wijst er op dat DE LEYN nog meer bood, allicht via een off-shore structuur. De partijen van Dennenhof hebben nog gepoogd via DE LEYN een compromis uit te werken maar DE LEYN, inmiddels geworden zaakwaarnemer van verzoeker Defossé, verklaarde "dat er niemand tussenkomt in het bedrijf dat ik met Guy heb". (Stuk 34)
Na voornoemde DENNENHOF overeenkomst hebben gedaagde Laureyssens en Verzoeker Franck gezamenlijk diverse patentaanvragen ingediend, ondermeer ivm nieuwe types van voetballen, golfballen, etc. Een aantal BNL merken (Pi-Ball, Massdaq) staan nog steeds op beider naam.
Tussen verzoeker Franck en gedaagde Laureyssens werd bovendien een overeenkomst gemaakt waarbij door Franck de helft van FranckÕs opbrengsten uit BLUE ENERGY aan gedaagde Laureyssens werd toegekend. Deze overeenkomst is nog steeds geldig. Dit wijst er op dat tussen Franck en Laureyssens een bijzonder grote vertrouwen heerste.
Pas nadat gedaagde geinformeerd werd dat verzoekers tegen alle afspraken in achter de rug van hem en van nakomende investeerders in contact waren met Amerikaanse investeerders (zie stuk 4), heeft verzoeker een "waarschuwings brief" op internet geplaatst ter informatie van mogelijke investeerders. De essentie van de boodschap was dat er nog steeds juridische problemen waren rond het compressie dossier.
Diverse "mogelijke klanten" van Defossé hebben via die gele brief informatie aan verzoeker gevraagd. (bv. zie stuk 18).
Sedert meer dan drie jaar beschuldigt Defossé gedaagde Laureyssens van allerlei kwaad, en heeft dit ondermeer op internet via de eigen website van Defossé, en via forums gepubliceerd. De beschuldigingen zijn totaal ongegrond, bv. het vervalsen van foto's, oplichterij, verwijzen naar krantenartikels, het stelen van patenten of ideeen, het ontvangen van gelden, etc.
Het gedrag en de wijze van logica van Defossé is zeer vreemd. Zie stuk 10.
Defossé heeft diverse malen dezelfde technologie verkocht. Dit staat vast. Zie stuk 2. Samen met zijn zakenpartner EMIEL DE LEYN biedt hij nog steeds de compressie aan. Zie stuk 7 en 18. Dit is tegen een gerechtelijke uitspraak, met dwangsommen.
ZEER RECENTE SAMENWERKING.
Tot eind Augustus 2006 heeft gedaagde Laureyssens een oplossing proberen te vinden dmv een zgn. VEILING (een idee van verzoeker Franck). Zie stuk 12, waarin gedaagde Laureyssens op de noodzaak wijst dat de volledige medewerking van Defossé een vereiste is, en het TERUG OPBOUWEN VAN VERTROUWEN. De noodzaak dat verzoeker Defossé zijn volledige medewerking zou verlenen werd ook door andere betrokkenen bevestigd. Maar of Defossé zijn echte medewerking zou verlenen werd door diverse betrokkenen in twijfel getrokken, vandaar dat deze over "oplichterij" spraken.
Na deze mislukte poging tot het opzetten van een veiling of een gelijkaardige oplossing heeft noch verzoeker Jan FRANCK, noch verzoeker GUILLAUME DEFOSSE enig contact gezocht met gedaagde, maar hebben zij na ongeveer één maand en zonder waarschuwing of zonder voorafgaand gesprek voor deze rechtbank Laureyssens gedaagd om de vernietiging van de eerste overeenkomst (Stuk 2 verzoekers) te eisen.
Het is duidelijk dat de verzoekers via hun raadsman slechts gedeeltelijke informatie aan de Voorzitter voorleggen. Meer bepaald betreft de webpagina "To Whom It May Concern" meer pagina's dan de door verzoekers worden voorgelegd. In annex 31 wordt de volledige tekst verschaft, meer bepaald stelt gedaagde Laureyssens zelf voor dat indien hij geld ontvangen heeft om direct verzoeker Defossé te contacteren of zijn raadsman en dit mede te delen. Daarnaast heeft gedaagde een bijkomende pagina (Stuk 32) toegevoegd om te antwoorden op alle verwijten die verzoeker Defossé gedurende maanden publiceerde op zijn website over Laureyssens.
Het is duidelijk dat de verzoekers via hun raadsman slechts gedeeltelijke informatie aan de Voorzitter voorleggen. Meer bepaald betreft de E-mail (stuk 4 van de lijst van verzoekers) slechts één pagina, waarbij er zorgvuldig wordt vermeden de connectie naar de partner van verzoekers Defossé en Franck, namelijk EMIEL DE LEYN, te tonen. Verzoekers zijn dus niet geinteresseerd om de Voorzitter een volledig beeld te verschaffen van het probleem. Verzoekers wensen de Voorzitter enkel selectief te informeren. Ter correctie wordt in annex 33 de volledige tekst verschaft. Het is duidelijk dat Emiel DE LEYN zeer goed op de hoogte was van het indienen van de dagvaarding, en het duidelijk is dat zij nog steeds samenwerken, samenspannen om de Overeenkomst van 14 Juni 2002 te omzeilen en pogen om van de overeengekomen royalties (stuk 2) af te komen omdat een verkoop of licentie nakend is.
Het is duidelijk dat de verzoekers via hun raadsman niets ter zake doende informatie (cfr. Stuk 4) aan de Voorzitter voorleggen. Inderdaad is het stuk 4 van de verzoeker geschreven en per email verstuurd NADAT gedaagde Laureyssens kennis kreeg van de komende gerechtzaak, ingediend door verzoekers Defossé en Franck. Het stuk 4 kan dus ONMOGELIJK een argument zijn om de rechtzaak te motiveren en te rechtvaardigen. Stuk 4 is dus in essentie geen bewijsstuk dat op enig foutief gedrag of onhebbelijke attitude van gedaagde Laureyssens zou kunnen wijzen. Het feit dat Stuk 4 wordt ingeroepen wordt wijst er op dat verzoekers Defossé en Franck allerlei motieven zoeken om de overeenkomst te laten vernietigen, zelfs "bewijzen" die zich hebben voorgedaan NA het indienen van de klacht.
De huidige dagvaarding geeft alle indicaties dat verzoekers een verborgen agenda hebben, namelijk een nakende verkoop via een off-shore structuur, georganiseerd door EMIEL DE LEYN.
Gedaagde verzoekt de voorzitter om via de geeigende kanalen kennis te nemen van dossiers ivm het gerechtelijk verleden van de partner van de heren Defossé en Franck, voornoemde EMIEL DE LEYN. Gedaagde heeft deze mogelijkheid niet.
Gedaagde verzoekt de Voorzitter te bevelen om de compressie technologie van Defossé via een onafhankelijke expert te laten onderzoeken. Tot op heden heeft gedaagde Laureyssens geen bevestiging via een onafhankelijke expert dat de compressie technologie van Defossé wel enige realiteitswaarde heeft. Verzoeker Defossé heeft dit steeds in alle gevallen tegengewerkt, en verzoeker Franck heeft zijn collega Defossé daarin steeds gesteund.
Gedaagde verzoekt de rechtbank verder alle eisen van verzoekers af te wijzen, hen te bevelen de overeenkomst van 14 Juni 2002 uit te voeren, en hen te veroordelen tot de kosten van het geding.
Getekend: Dirk Laureyssens.
|
|
|